Overview | Register | Login | Help
Search Orchipedia:

Voeding en weerbaarheid bij Phalaenopsis eindrapport 2014

 

Introduction

Samenvatting: De teelt van Phalaenopsis is veranderd vooral door het toelaten van meer licht tijdens de teelt. Hiermee wordt vaak meer ‘op het randje’ geteeld, waardoor de kans op ziekten alleen maar groter is geworden. Bij het telen ‘op het randje’ bestaat het gevaar van het ontstaan van ziekten/plagen zoals Fusarium, Pseudomonas, Erwinia of potworm. Weerbaarheid van planten kan door middel van juiste teeltmaatregelen verhoogd worden. Zo kan voeding de groei van plant sterk beïnvloeden en daarmee ook de weerbaarheid die een plant kan bieden tegen belagers. Niet alleen meer voeding, maar ook de samenstelling van de voedingsoplossing kan resulteren in een hogere plant kwaliteit. Veranderingen in de verhouding van de stikstof componenten (nitraat, ammonium en ureum) alsook de verhouding stikstof en kalium zijn belangrijk. Daartoe is op verzoek van de Potorchideeën commissie van LTOGroeiservice het hier beschreven onderzoek uitgevoerd gefinancierd door de Productschap Tuinbouw. Door de Potorchidee Commissie zijn 6 ‘standaard’ Phalaenopsis cultivars geselecteerd voor het experiment die werd uitgevoerd bij Wageningen UR Glastuinbouw in Bleiswijk. De kas werd voorzien van voldoende belichtingsmogelijkheden om de planten 8 10 mol PAR m2 dag1 te geven zoals in de praktijk, en van een koelvermogen om 18°C te kunnen handhaven in het najaar. Er werden 3 stikstof niveaus ingesteld: 14, 20 en 26 mmol stikstof l1 bij 2 EC niveaus (EC 1 en EC 1.7). De planten werden tijdens de opkweek, koeling en afkweek nauwkeurig gemonitord om de groei en weerbaarheid in kaart te brengen. Gebleken is dat een hogere EC resulteerde in meer bladoppervlak, meer versgewicht en ook een iets betere lengte/breedte verhouding van het blad, maar had geen invloed heeft op het aantal bladeren van Phalaenopsis. Meer stikstof leidde tot meer bladeren en een hogere bladoppervlak, meer bloemen en knoppen en meer versgewicht blad, maar minder wortelgewicht. Bij het lang aanhouden van de hoogste stikstofniveau’s (bij beide EC’s) ontstond cultivarafhankelijke afsterving van bloemtakken, waardoor de planten niet meer verhandelbaar waren. Bij lage stikstofniveau’s zijn geen zieke bloemtakken ontstaan. Gebaseerd op de resultaten van dit onderzoek wordt een voedingsoplossing geadviseerd met een EC van 1.0 met 14 tot 20 mmol N. In dit onderzoek is weer gebleken dat hogere lichtniveau’s bij Phalaenopsis kunnen leidden tot een behoorlijk teeltversnelling (48 weken). De bemestingsbehandelingen hebben geen invloed gehad op het optreden van Pseudomonas of Botrytis, al zijn er verschillen in cultivargevoeligheid geconstateerd. De bemestingsbehandelingen hebben ook geen invloed gehad op de houdbaarheid van de planten. Mogelijk zou een meer dynamisch bemestingsschema beter werken, waarbij in het begin van de teelt de voordelen van de extra groei te behalen door meer stikstof toe te dienen, en tijdig veranderen van schema om de bloemtak ontwikkeling niet te benadelen. Dit zou goed mogelijk zijn door de ammonium en nitraat hoeveelheden in het drainwater te monitoren. http://www.tuinbouw.nl/sites/default/files/14666%20Eindrapport%20Voeding%20%26%20Weerbaarheid%20Phalaenopsis.pdf

Table of contents

Images

Files

Source

Date: 2017-01-25 15:20, source: